De verticale as
‘DE REIZENDE KLACHT’
Drs. N.J. Zimmermann
Inleidende casus
Gek genoeg is er bij Carla weinig te vinden. Ze klaagt over onrust, angsten en nervositeit, maar deze zijn er niet altijd. Alles is te veel en toch kan ze door. Haar darmen spelen regelmatig op, maar regulier onderzoek wijst niets uit – vele ‘maar’-en. Soms beven haar handen of heeft ze slappe benen en is ze moe, moe! Een sluitende verklaring is er nog niet voor gevonden. Sterker nog: Carla is kerngezond verklaard. De huisarts heeft haar naar een psycholoog doorverwezen, die het op een gegeven moment ook niet meer weet.
Wat is Carla’s achtergrond? Ze heeft moeilijke tijden doorgemaakt. In haar ouderlijk huis heeft ze ziekte en overlijden doorstaan, ze is overwerkt geweest, haar kinderen zijn de deur uit en juist nu, nu ze in de overgang is, is haar man een ‘stapje te ver gegaan’. Ze dacht alles verwerkt te hebben en wilde door, maar dat is niet gelukt.
Alternatief onderzoek met behulp van electroacupunctuur heeft geen meetbare angst, depressie, overspannenheid of latent psychotische reactie aangetoond. Het blijkt een onbekend Klinisch Psychologisch Beeld (KPB). Desondanks heeft ze van alles geprobeerd: emotiemiddelen, additieven, chemische/natuurlijke middelen tegen bacteriële belastingen en gesprekken. Kenmerkend voor haar functioneren is dat na het aanpakken van een klacht op een bepaald niveau, deze zich daarna op andere wijze manifesteert. Zo maakt hoofdpijn plaats voor darmklachten, darmklachten maken plaats voor pseudo-allergische reacties, pseudo-allergische reacties voor onrust, onrust voor duizeligheid, duizeligheid voor dissociatieve verschijnselen en tot slot brengen dissociatieve verschijnselen haar terug bij haar hoofdpijn. Opvallend genoeg gaat het soms ook helemaal anders – er is dus blijkbaar geen vaste volgorde.
Alle kenmerken die Carla heeft, wijzen in de richting van een ‘extra’ klinisch beeld, de ‘SOMATISATIESTOORNIS’. Deze stoornis lijkt vaste gebieden te hebben waar ze tot uiting komt en loopt langs een denkbeeldige verticale as door het lichaam. Een natuurlijk middel heeft deze reizende klacht bij Carla doorbroken.
Samenvatting
Dit artikel bespreekt de denkbeeldige verticale as waarlangs de somatoforme stoornissen (soma= lichaam) energetisch meetbaar zijn. Deze stoornissen, in verouderde termen ‘neurasthenie’ genoemd, zijn stoornissen waarbij key-areas in het brein, in het vijfde chakra – de mal voor het lichaam - en meer kerngebieden in het lichaam een cruciale rol spelen.
De somatisatiestoornis, die behoort tot de somatoforme stoornissen, wordt vreemd genoeg gezien als een psychische stoornis en gekenmerkt door geestelijk en lichamelijke moeheid na het verrichten van alledaagse karweitjes, die normaal gesproken geen bijzondere inspanning vergen en waarvan men snel herstelt.
De uitputting gaat veelal gepaard met hoofdpijn, duizeligheid, functionele slaapstoornissen, prikkelbaarheid, darmstoornissen die alleen in verband gebracht kunnen worden met psychologische factoren, vage pijnen, (pseudo-)allergische reacties, cardiopulmonaire klachten, dissociatieve verschijnselen, duizeligheid, nerveuze irritatie van de hersenschors en schijnbaar neurologische aandoeningen.
Voor de behandeling van de somatisatiestoornis is een natuurlijk middel gemaakt, dat deze as in het geheel aanpakt.
Begripsverwarring, historisch en cultureel
Dit artikel over somatoforme stoornissen zal eerst de verwarring in duiken, om vervolgens duidelijkheid te scheppen over wat de verbijzondering hiervan, de somatisatiestoornis inhoudt. Daarna introduceert het een nieuw natuurlijk middel om de tot nu toe vage stoornis effectief te kunnen aanpakken.
Het van origine Griekse woord ‘Soma’ betekent zoiets als ‘lichaam’. Somatoforme stoornissen zijn dus klachten die zich volgens huidige opvatting alleen op lichamelijk vlak tonen. Het lijkt simpel, maar er bestaat grote verwarring over de term. Wat blijkt?
Eerste verwarring
Somatoforme klachten zijn opgenomen in DSM IV – Diagnostic and Statistical Manual for Psychiatric Diseases, 1995 – en zijn ondergebracht in de categorie ‘psychische stoornissen’ in plaats van ‘lichamelijke stoornissen’.
Tweede verwarring
De in de introductie genoemde term ‘neurasthenie’ is de term die vroeger (in de tweede helft 19e eeuw) en nu soms nog wordt gebruikt om dezelfde klachten te benoemen. Bij neurasthenische klachten heeft in het verleden de nadruk op fysieke kwellingen gelegen, die gepaard gaan met verschijnselen die min of meer overeenkomen met onze huidige beschrijving van een depressie. De negentiende eeuwse arts Beard noemt het daarom een organische ziekte als gevolg van ‘de zware lasten van de moderne hersenarbeid’ (Beard, (1881)).
Iets later, in de eerste helft van de twintigste eeuw, gebruikt Sigmund Freud ‘neurasthenie’ als aanduiding voor een vorm van actuele neurose, een psychisch conflict dus, die zich uit in gevoelens van moeheid, hoofdpijn, dyspepsie en afnemen van seksuele activiteit.
Hallym Calehr – psychiater, acupuncturist, groot kenner van westerse en oosterse filosofie en ontwikkelaar van de Basic Emotional Structuring Test (1981) – stelt (westers aspect) in de tweede helft van de twintigste eeuw, dat neurasthenie een functie is van het ‘superego’ (het geweten) en ziet deze klacht (oosterse aspect) als een emotioneel/energetische verstoring.
Derde verwarring
De onduidelijkheid over de symptomatologie en zijn oorsprong heeft er toe geleid, dat in DSM IV een overstap naar de term ‘somatoforme stoornissen’ is gemaakt. Maar de paradox blijft bestaan: een nieuwe naam die wijst op de manier waarop de klachten – somatisch – zich uiten, terwijl niemand precies weet wat de exacte oorsprong en inhoud van die klachten is. Medisch onderzoek levert niets op, regulier psychologisch onderzoek evenmin.
Vierde verwarring
Somatoforme stoornissen zijn geen psychosomatische klachten. Bij de eerste zijn geen (!) lichamelijke oorzaken te vinden voor de klachten en bij de tweede is er wel een lichamelijke klacht aantoonbaar die gepaard gaat met eveneens aantoonbare psychische klachten.
Vijfde verwarring
In andere culturen, zoals de Chinese, is de diagnose ‘neurasthenie’ volkomen geaccepteerd en biedt dit beeld ‘de legitimatie van vermeende fysieke aandoeningen’ om persoonlijke en sociale spanningen lijfelijk te uiten – aldus antropoloog Kleinman (1988). In China geldt dat geestelijke problemen uiting zijn van een ‘aangeboren zwakheid’. Hier heeft neurasthenie dus een bredere betekenis en is als het ware een dekmantel geworden voor psychogene klachten en psychosomatische klachten. Acupunctuur lijkt hiervoor een effectief instrument te zijn.
Een voorbeeld
Even psychopret maken. Hieronder volgt een neurasthenievoorbeeld, afgezet tegen de historie en cultuur met als doel de verschillende historische en culturele stappen van de verwarring beter te begrijpen.
Stel, eerdergenoemde dokter Beard (19e eeuw) krijgt de secretaresse van een bevriende collega-arts voor onderzoek naar ‘een’ sluitspierklacht – een echt psychoanalytisch onderwerp… Hij zal de ‘juffrouw’, de aanspreektitel van die tijd, voor lichamelijk onderzoek ongetwijfeld naar een gastro-enteroloog hebben gestuurd. Deze vindt uiteraard niets. Zelf komt hij ook niet verder. Conclusie: mogelijke neurasthenie als gevolg van de ‘zware moderne hersenarbeid’. Diagnose: fysieke kwellingen met misschien een tintje psyche als oorzaak.
We verhuizen naar de eerste helft van de twintigste eeuw. Dezelfde juffrouw, inmiddels in die tijd ‘typemiep’ genaamd, komt nu met dezelfde klacht via een collega bij Freud. Als er niets medisch te vinden is, zou Freud ongetwijfeld hebben geconcludeerd dat de zindelijkheidstraining niet op adequate wijze heeft plaatsgevonden. Als gevolg hiervan heeft ze nu een duidelijk in karakter ontwikkelde ‘sluitspiermoraliteit’. Diagnose: de neurasthenie is terug te voeren op jeugdervaringen – een psychisch-oorzakelijke verklaring, een actuele neurose.
In de tweede helft van de twintigste eeuw mag diezelfde typemiep zich nu ‘managing director’ noemen. Ze wordt doorverwezen naar collega Calehr. Deze zou (westers aspect/ psychoanalytisch) stellen dat de ‘sluitspiermoraliteit’ een functie is van ‘het superego’ (geweten). Anderzijds (het oosters aspect) zou hij gesteld hebben, dat de energie in dit betreffende lichaamsgebied is geblokkeerd en deze managing-director letterlijk en figuurlijk niet kan loslaten. De diagnose omvat hier twee aspecten: psyche en soma met als verbindend element de (sluitspier-) energie. Kortom: ‘zo boven, zo beneden’.
In ons voorbeeld van een andere cultuur – China, tweede helft twintigste eeuw – zou men het psychische aspect van deze secretaresse zo veel mogelijk vermijden en overgaan tot behandeling met behulp van acupunctuur. Diagnose: vermeende lichamelijke klacht misschien veroorzaakt door persoonlijke en sociale factoren. De dekmantel werkt.
Plaatsbepaling
De verwarring is inmiddels duidelijk. Het begrip ‘neurasthenie’ heeft historisch en cultureel gezien een onduidelijk beeld opgeleverd. Reden om vanaf nu ‘ DSM IV-terminologie’ te volgen en te kiezen voor de omschrijving ‘somatoforme stoornissen’.
Deze stoornissen zijn in DSM IV een aparte categorie ‘psychische stoornissen’, gekenmerkt door duidelijke symptomen van een lichamelijke ziekte, maar let op: zonder dat daarvoor verantwoordelijke organische of neurologische disfuncties kunnen worden aangetoond. Psychologische factoren lijken dus eerder als oorzaak te moeten worden aangewezen.
Dit is anders dan de categorie ‘psychosomatische stoornissen’ of de synonieme categorie psychofysiologische stoornissen. De onderliggende hypothese van dit klinisch verschijnsel is dat deze stoornis zowel een psychisch als een somatisch aspect heeft. Men gaat er van uit dat deze twee aspecten elkaar beïnvloeden.
In het alledaagse spraakgebruik neigt men er toe de term psychosomatisch gelijk te stellen aan het begrip ‘psychogeen’. Psychogeen betekent psychisch en wordt alleen gebruikt om van lichamelijke stoornissen aan te geven dat ze een functioneel psychologische achtergrond hebben en geen organische. Het begrip psychosomatisch kent dus twee componenten en het begrip psychogeen een component. Ze hebben een verschillend uitgangspunt.
Samengevat: de somatoforme stoornissen hebben als uitgangspunt het lichaam;
de psychosomatische stoornissen de psyche en het lichaam en
een psychogene stoornis heeft als uitgangspunt de psyche.
We beperken ons tot de eerste vorm, de somatoforme stoornissen, met als doel tot een heldere beschrijving van alleen de ‘somatisatiestoornis’ te komen – een apart beeld binnen de somatoforme stoornissen. Deze stoornis lijkt een ‘ondergeschoven kindje’ en wordt al te gemakkelijk verward of in verband gebracht met een van de andere twee stoornissen. Dit is onterecht zoals in hiernavolgende zal worden aangetoond. Uitgangspunt is dus: er is geen lichamelijke ziekte. Wel zijn er duidelijke lichamelijke symptomen van ziekte en er wordt gedacht aan oorzakelijke psychologische factoren. Laten we hiervan eerst de tot heden toe gevonden significante lichamelijke en geestelijke symptomen benoemen.
Symptomenlijst somatisatie-stoornis
De symptomen zijn gerubriceerd in een lijst van zeven niveau’s, met als startniveau zeven.
In het vervolg hiervan wordt de reden van deze omgekeerde benadering duidelijk.
Niveau 7: hoofd, centrale zenuwstelsel, nerveuze irritatie hersenschors, hoofdpijn, schijnbaar neurologische aandoeningen
Niveau 6: hoofd, centrale zenuwstelsel, duizeligheid, perceptuele problemen
Niveau 5: dissociatieve verschijnselen, d.i. de normale samenhang tussen cognitieve, perceptuele en motorische functies lijkt uiteen gevallen te zijn, schildklier vertoont schommelingen met voorkeur voor hyperfunctie zonder buiten medische oevers te treden
Niveau 4: cardiopulmonaire klachten, w.o. aritmie en/of benauwdheid met gevoel van uitputting
Niveau 3: gevoelige plexus solaris met onrust, nervositeit en vage pijnen die niet plaatsgebonden zijn, bovenbuik, prikkelbaarheid
Niveau 2: onderbuik, darmklachten, allergische reacties, bloed, lymfe;
Niveau 1: bekkengebied, anus, nieren, blaas, angsten, gevoel basis te missen.
De lijst is niet uitputtend. Dat is ook niet de bedoeling; alleen de belangrijkste symptomen zijn genoemd. De verticale as is in eerste aanleg bepaald. Het bijzondere van deze symptomen/klachten is dat ze op twee manieren fluctueren:
1. De klachten openbaren zich nooit allemaal tegelijk. Ze wisselen elkaar af en
2. het symptoom van de op ‘dit moment’ zichtbare klacht, is gedurende kortere tijd verhevigd aanwezig.
Regulier en alternatief onderzoek
Onderzoek met reguliere psychologische tests (SCL-90, Arrindell) en electroacupunctuur volgens Vega (Medizimm Testset, Zimmermann, (2001)) wijst uit dat bovengenoemde klachten niet het gevolg zijn van Klinisch Psychologische Beelden. De klachten staan op zichzelf of bestaan naast de KPB-klachten.
De eerste conclusie die nu, mede op basis van anamnestische gegevens van cliënten, getrokken kan worden, is dat cliënten met een somatisatiestoornis gedurende hun vroege(-re) leven door zware perioden zijn gegaan. ‘Gegaan’ suggereert dat de omstandigheden inmiddels verbeterd zijn. Lichaam en geest zouden weer normaal moeten kunnen functioneren, maar het tegendeel is het geval. Het systeem lijkt in een herinnering vast te zitten en kan geen nieuwe stabiliteit vinden.
De tweede conclusie is dat de klacht een energetische klacht moet zijn. Het is een reizende klacht die zich grillig en onvoorspelbaar gedraagt en steeds op een ander niveau kenbaar is.
De lichamelijke symptomen zijn er eerst en worden gevolgd door reacties die als psychisch gezien zouden kunnen worden. De psychische reacties zijn dus niet de oorzaak want dan zou er van een psychogene stoornis gesproken worden. Alleen energie kan hier tegelijkertijd oorzaak en voertuig van klachten zijn.
De oplettende lezer zal gezien hebben dat de opsomming van klachten, niveau zeven t/m een, sterk overeenkomt met de indeling in chakra’s en hun bijbehorende werkingsgebieden. Dat is juist. Indien we op de symptomenlijst achter niveau zeven ‘chakra zeven’ plaatsen, achter zes chakra zes, enzovoort, dan ziet de kolom er als vervolgens zo uit:
Niveau 7 - chakra 7
Niveau 6 - chakra 6
Niveau 5 - chakra 5,
et cet.
Het valt buiten het doel van dit artikel om te trachten iets toe te voegen aan de mooie, complexe kennis van de chakra’s en het bijbehorende filosofische systeem. Waarom dan toch het gebruik? Om een simpele reden: somatoforme klachten, waaronder de somatisatiestoornis, zijn energetische klachten en reizen van het ene niveau naar het andere, van de ene chakra naar de andere, via meridianen – de verbindingswegen. Op elk niveau kan de energie haar storende werk verrichten, zelfs onderweg in de meridianen. Hiervoor bestaat onder meer de ‘Evolving Emotional Freedom Technique’ (Diepold, 2003), waarmee met simpele oefeningen de storende energie in de meridianen aangetoond kan worden, waarna deze energie weer gangbaar gemaakt kan worden.
Deze energie lijkt ‘herinneringsenergie’ te zijn ofwel energie waarin nog steeds trillingen liggen opgeslagen uit moeilijker tijden. Deze trillingen zijn altijd gekoppeld aan emoties en/of cognities. Zouden we hier naar aanleiding van fantoompijnen kunnen spreken van ‘fantoom-energie’?
Fantoomenergie?
Het begrip ‘fantoompijnen’ is aan iedereen bekend. Het is de pijn na amputatie van een lichaamsdeel, alsof dat lichaamsdeel er nog is. Hierover zijn prachtige verhalen geschreven. De behandeling vraagt slimme ingrepen. Een mooi boek, dat gedeeltelijk is gewijd aan dit fenomeen, betreft ‘Het Bizarre Brein’ van de arts Ramachandran. Deze New Yorkse arts beschrijft hierin een door hem ontwikkelde methode met spiegels om hersenen bewust te maken van gedissocieerde amputatie(s) (Ramachandran (1998), p. 60).
Naar analogie hiervan, zouden we kunnen zeggen dat het energiesysteem (op zeven niveau’s) ervan bewust gemaakt moet worden dat de initiële klachten die oorzaak zijn van het huidige ongemak, er niet meer zijn. Maar er is ook een verschil ten opzichte van fantoompijnen: terwijl bij fantoompijn de klacht pas ontstaat na de gebeurtenis, geldt voor de energetische verstoring dat deze tijdens de moeilijke perioden al ontstaat en op zeven niveau’s meetrilt met de initiële klachten. Misschien is het daarom beter om in dit verband te spreken van ‘De Wet van Inertie’, de wet van traagheid. Deze natuurkundige wet zegt simpel gesteld dat een lichaam natrilt op een gebeurtenis, net als het ‘nadieselen’ van een motor op beweging. Om dit nadieselen in de hand te krijgen, zullen we moeten weten welke aspecten oorzaak kunnen zijn van dit verschijnsel.
In geval van een energielichaam is dat lastiger. Energie is flexibel: ze kan zich transformeren van het ene naar het andere niveau en zich verder op elk denkbaar niveau manifesteren. Hier zien we de ‘verticale as’ verschijnen, zoals aan het begin van dit artikel is aangestipt. Deze as bestaat uit de zeven chakra’s met hun meridianen en de bijbehorende beïnvloedingsgebieden. Onderzoek levert het volgende beknopte beeld op:
Niveau / chakra 7 key-area brein spiritueel lichaam Het Weten
Niveau / chakra 6 key-area brein spiritueel lichaam Het Waarnemen
Niveau / chakra 5 schildklier causaal lichaam zenden en ontvangen
Niveau / chakra 4 hart en longen intuïtief lichaam bewuste en onbewuste
Niveau / chakra 3 plexus solaris mentaal lichaam scheppende denken
Niveau / chakra 2 darmgebied emotioneel lichaam gevoelens
Niveau / chakra 1 niergebied etherisch lichaam
Belangrijk: gebleken is, dat als we deze zeven beïnvloedingsgebieden op de AS tegelijkertijd aanpakken, het energiesysteem geen uitweg meer heeft.
In navolging van het recent verschenen boek van Cees Dekker c.s., getiteld ‘Schitterend ongeluk of sporen van ontwerp?’, waarin de vraag ‘evolutie versus schepping’ centraal staat, lijkt het mij gerechtvaardigd de werking van bovenstaand energiesysteem een intelligent ontwerp te noemen met een belangrijke functie: ontwikkeling van energetisch bewustzijn op zeven niveau’s. In relatie tot deze energetische ontwikkeling zijn twee wetten werkzaam:
Wet 1: verandering op een hoger niveau betekent zeker een verandering op een lager niveau, en
Wet 2: verandering op een lager niveau kan mogelijk verandering veroorzaken op een hoger niveau.
Uit het bovenstaande is de belangrijkste conclusie de volgende:
Voor behandeling van deze somatisatiestoornis, net als bij de behandeling van Klinisch Psychologische Beelden, is het een ‘must’ om in ieder geval het zevende niveau/de zevende chakra met haar key-areas (mee) te behandelen (lees Wet 1).
Gezocht is naar een middel dat op alle zeven niveau’s haar werk doet: rust brengen op corticaal niveau en perceptueel niveau, het causaal lichaam met haar beïnvloedingsgebied tot rust brengen (de mal voor het lichaam – Lips, 2003, pag 23) en dissociatieve verschijnselen tegengaan, het hart dat direct door middel van sympathisch en parasympathisch zenuwstelsel verbonden is met de werking van het limbisch systeem voeden met ontspannende energie, de plexus solaris tot rust brengen en tot slot de darmen en eveneens het urethraal gebied tot rust brengen.
Hoe kunnen we nu, als we naar de juffrouw met de sluitspierklacht kijken, tot een juiste conclusie komen en overgaan tot behandeling? De diagnose zou kunnen zijn dat er een sprake is van een meetbare somatisatiestoornis (Fp 14). Aangezien het niet een lichamelijke stoornis is, moeten er psychische factoren een rol hebben gespeeld. In ieder geval is er sprake van een verstoring door herinnering . Dit hoeft geen KPB te zijn, maar dat kan wel. Het kan ook een karakterprobleem zijn geworden. Behandeling is het meest effectief als het biologische aspect, de klachten dus, met een natuurlijk middel wordt aangepakt en het aangeleerde aspect, het gedrag, met psychologische behandeling. Anders gesteld: de werking van het middel – het lichaam een betere gewoonte aanleren – dient ondersteund te worden met aanleren van nieuw, beter gedrag, want
Gedragsverandering zit niet in het potje!
——————————————————————————
Literatuur
Beard, G. ‘American Nervousness’ – New York 1881 opgenomen in bibliografie van Melechi, 2003
Calehr, H. Instruction Manual of Basic Emotional Structuring Test 1981 – uitgave van Stichting BEST – Nederland 2005.
Dekker, C. c.s. Schitterend ongeluk of sporen van ontwerp? – 2005 - Uitgave van Ten Have.
Diepold, J. Jr. Evolving Thougt Field Therapy – 2003 – The BDB- Group, USA.
DSM IV – Diagnostic and Statistical Manual Meppel 1995, uitgave van Krips Repro.
Klein, S. ‘ Puur toeval’ 2004 - Ambo-boeken.
Kleinman, A. The Illness narratives: Suffering, Healing and the Human Condition 1988 - Basic Books, New York.
Lips, Marie-Therese, Gedachten in beeld 2003 – Ankh-Hermes, Deventer.
Melechi, A. De Vluchtende Geest - 2003 - Meulenhoff uitgave.
Ramachandran, A. Het Bizarre Brein – 1998 – Kosmos uitgave, Utrecht.
Zimmermann, N.J. Syllabus cursus BEST – test 2005, uitgave van Medizimm BV.
